BG magazine | januari 2015

 

Dom zijn is een kunst

‘Een goede coach is dom, lui en dakloos.’

Voor die eerste hoef ik niks te doen. Die gaat mij gemakkelijk af. Ik ben namelijk ter aarde gekomen met een natuurlijke vorm van domheid die ik waarschijnlijk de rest van mijn leven met me mee zal dragen.

Aangeboren domheid heet dat.

Dit waren ook de rollen die mij tijdens de Theateropleiding uitstekend afgingen. De sukkels, de dombo’s, de simpele zielen. De tweede en derde zijn lastiger. Lui en dakloos. Daarover een andere keer meer.

Dom zijn is eigenlijk best knap. Een kunst zou ik tegenwoordig bijna willen zeggen. Handelen zonder dat je daar je hersens voor inzet. Sommige cliënten hebben daar de grootste moeite mee. Die probeer ik heel hard met mijn voorbeeldgedrag iets van de zegeningen van dit dom-zijn aan te reiken. Daar ben ik dus heel goed in.

Langzamerhand durf ik deze domheid om te draaien naar iets positiefs. Zo kwam ik tijdens een training in gesprek met een deelnemer over muziek. Hij had een megabewondering voor mensen die piano kunnen spelen zonder noten te lezen. Nou, zo een ben ik. Ik heb tijdens de pianolessen van mijn vader, die muziekleraar was, nooit durven bekennen dat ik geen enkele noot kon lezen. Ik speelde op gehoor. En vond mezelf erg dom. Na dit gesprek werd mijn wereldbeeld omgedraaid.

Paradigma shift. Reframing in NLP-termen. Muziek spelen zonder het te snappen kon je dus ook als iets waardevols zien.

Met schrijven en praten gebeurt exact hetzelfde. ‘Wil je dat nog een keer zeggen?’ vragen mijn cliënten vaak. En dat lukt me dan niet. Ik zeg iets en het is meteen weg. In één moment gecreëerd en het volgende moment weg. Had ik überhaupt mijn hersens wel gebruikt in de tussentijd? Klaarblijkelijk was het toch iets zinvols geweest, anders zouden ze niet om herhaling vragen.

Tegenwoordig bereid ik mijn cliënten hier maar op voor. ‘Luister goed naar wat ik zeg of schrijf het op, want ik weet niet wat ik zeg. En ik kan het al helemaal niet herhalen.’

Bij het schrijven van deze columns is het me ook al gebeurd. Ik had een zin geschreven die zó krom was dat hij recht leek. Toen ik deze zin aan mijn kapster voorlas, raakte ik het opeens helemaal kwijt. Wat stond daar nu in hemelsnaam? Wat had ik nu geschreven? Mijn hersens kraakten maar snapten er niets meer van. Het rare was dat iedereen die het las, het had begrepen. De boodschap waar zij op zoek naar waren, hadden zij opgepakt.

Zo lezen wij dus klaarblijkelijk. Selectief. Op zoek naar ons eigen antwoord. En zo hoor je te schrijven. Met boodschappen die de ander snapt. Zo horen wij ons vak uit te oefenen, opdat de ander zichzelf begrijpt. Ook al ben jij zelf al lang het spoor bijster.

Doet er niet toe.

 

in één
moment
gecreëerd
en
het 
volgende moment
weg

Menu